Kijk, ik heb taart! Ja, wij hebben een taart gekregen en ik vind taart lekker, dit is eentje met slagroom en met vruchtjes, ja, d’r zit meloen op en aardbei en andere lekkere vruchtjes. En in de taart zit ook wat, ja, die heb laagjes en tussen die laagjes zit ook wat en ik wil dan weten wat dat is en toen heb Helen de bakker gebeld. Ja, gewoon de bakker gebeld en die zei dat wij wel even mochten komen kijken hoe hij onze taart heb gemaakt, dus toen zijn we daar naartoe gegaan hè, ja, naar de bakkerij en daar bakken ze ook broodjes, dat doet de bakker ook maar nu ging hij voor ons een taart maken, net zo eentje als die we hadden gekregen. Kijk zo gaat dat:

 

Ja, en toen was de taart dus bijna klaar hè, ja toen moest ie alleen nog versierd worden en versieren is leuk zei de bakker, ja, versieren is een beetje als toveren, ja, als toveren en ook als tekenen maar dan teken je met slagroom. Dat laat ik ook nog even zien:

En toen was de taart klaar, ja, deze was niet voor ons hè, nee, wij hadden al taart gehad en die van ons had de bakker zó gemaakt

 

En die was héél erg lekker, is knap hè dat een bakker dat zo maken kan?